Kankerverwekkende stoffen kunnen worden ingeademd, via de huid binnendringen en via de handen in de mond komen. Eenmaal in het lichaam komen zij via het bloed op andere plaatsen terecht. Zelfs bij heel kleine hoeveelheden kunnen de stoffen een risico voor de gezondheid vormen. Het risico neemt toe, naarmate de hoeveelheid groter wordt. De risico's van kankerverwekkende stoffen kunnen elkaar versterken, bijvoorbeeld tabaksrook en asbest. In Nederland krijgen ongeveer 1400 mensen per jaar kanker door het uitoefenen van een bepaald beroep.
Erkende kankerverwekkende stoffen zijn op het etiket herkenbaar aan de risicozinnen R45 of R49. Mutagene stoffen zijn herkenbaar aan risicozin R46. Maar stoffen zonder een risicozin op het etiket, kunnen ook kanker veroorzaken.
Stoffen die in ieder geval kanker kunnen veroorzaken zijn:
- asbest
- cadmiumpigmenten
- chroompigmenten
- lasrook
- uitlaatgassen van dieselmotoren
- benzeen
- cytostatica
- koolteer
- 1,3-butadieen
- chroom- en nikkelverbindingen
- houtstof
- kwarts
Twee lijsten met stoffen
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid geeft lijsten uit van mengsels waarin kankerverwekkende stoffen voorkomen en stoffen die kunnen vrijkomen bij een aantal met name genoemde kankerverwekkende processen. Bovendien is een lijst met mutagene stoffen beschikbaar. Je kunt de lijsten opvragen bij de afdeling Publieksinformatie van het ministerie van SZW, telefoonnummer 0800 - 9051 (gratis).
Bedrijfstakken met grote risico's
Kankerverwekkende en mutagene stoffen kunnen in vrijwel alle werksituaties voorkomen. De risico's zijn het grootst in de volgende bedrijfstakken:
- kleurstoffenindustrie
- teerproductie en -verwerking
- asbestdelving
- scheepswerven
- chemische industrie
- metaalindustrie
- olieraffinage